Vierde oproep kandidaten externe leden tuchtcomissie

maandag, november 16, 2015 - 13:45

Aangezien het aantal kandidaturen ontoereikend is gebleken om alle tuchtcommissies samen te kunnen stellen (en in bijzonderheid de tuchtcommissie te Luik en Bergen) wordt overgegaan tot een vierde oproep. Deze werd op 10/11/2015 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad (zie bijlage hieronder).

Het nieuwe statuut van de gerechtsdeurwaarders, ingevoegd bij de wet van 7 januari 2014, voorziet in de oprichting van een tuchtcommissie in het rechtsgebied van elk hof van beroep, teneinde de behandeling van de tuchtklachten te objectiveren. De zetel van elke tuchtcommissie is gevestigd op de plaats waar het hof van beroep zijn zetel heeft. De commissie kan zitting houden in de hoofdplaats van elk gerechtelijk arrondissement in het bevoegde rechtsgebied. De tuchtcommissie is bevoegd voor de behandeling van de klachten tegen gerechtsdeurwaarders en kandidaat-gerechtsdeurwaarders uit de arrondissementen van hun rechtsgebied. De tuchtcommissie te Brussel bestaat uit een Nederlandstalige en een Franstalige kamer. Wanneer een klacht tegen een gerechtsdeurwaarder of kandidaat-gerechtsdeurwaarder uit het gerechtelijk arrondissement Brussel is ingediend, wordt de taal waarin de tuchtrechtelijke instantie zetelt, bepaald door de taalrol van de betrokken gerechtsdeurwaarder of kandidaat-gerechtsdeurwaarder.

Elke tuchtcommissie is samengesteld uit vier leden, waaronder een magistraat, die de commissie voorzit, twee gerechtsdeurwaarders en een extern lid met een voor de opdracht relevante beroepservaring. De eerste voorzitter van het hof van beroep wijst jaarlijks een magistraat in functie aan uit de zittende magistraten van de hoven en rechtbanken.

De Nationale Kamer van Gerechtsdeurwaarders kiest voor elke tuchtcommissie een pool van minstens tien gerechtsdeurwaarders voor een termijn van vier jaar. Deze gerechtsdeurwaarders zijn herkiesbaar en komen uit ten minste drie verschillende arrondissementen. De Koning stelt per tuchtcommissie een pool vast van minstens drie externe leden. Deze externe leden worden aangewezen onder advocaten, universiteitsprofessoren die het recht doceren of eenieder die over een voor de opdracht relevante beroepservaring beschikt. Voor elke tuchtzaak stelt de voorzitter van de tuchtcommissie de commissie samen uit de pool van verkozen gerechtsdeurwaarders en de pool van de externe leden. Verder wijst hij uit de pool van gerechtsdeurwaarders een niet-wraakbare secretaris-griffier aan die niet deelneemt aan het debat en de beraadslaging. Bij de samenstelling van de commissie ziet de voorzitter er op toe dat de aangewezen gerechtsdeurwaarders hun kantoor niet hebben in het gerechtelijk arrondissement waar het lid aan wie een feit ten laste wordt gelegd zijn kantoor heeft of de betrokken plaatsvervanging heeft verricht. Men kan zich kandidaat om opgenomen te worden in de pool van externe leden van een tuchtcommissie voor de gerechtsdeurwaarders op voorwaarde dat men:

  • ofwel advocaat is;
  • ofwel de functie van universiteitsprofessor die het recht doceert uitoefent;
  • ofwel een voor de opdracht relevante beroepservaring bezit.

Elke kandidaatstelling moet op straffe van verval, binnen een termijn van een maand na de bekendmaking van deze oproep bij aangetekende zending gericht worden aan de minister van Justitie op het volgende adres :
″FOD Justitie, directoraat-generaal, Rechterlijke Organisatie, dienst Personeelszaken, ROJ 211, Waterloolaan 115, 1000 BRUSSEL″.
Om ontvankelijk te zijn moet de kandidaatstelling vergezeld zijn van de volgende documenten :

  • een eensluidend verklaard afschrift van het diploma;
  • een uittreksel uit het Strafregister uitgereikt na de bekendmaking van de oproep tot de kandidaten;
  • een curriculum vitae houdende de nodige inlichtingen die toelaten te controleren of de voormelde voorwaarden vervuld zijn en de terzake nuttige stavingsstukken

VERGOEDING

De voorzitter en de leden van de tuchtcommissies hebben recht op een vergoeding als terugbetaling van de reis- en verblijfkosten onder de voorwaarden en volgens de bedragen van toepassing op het personeel   van   de   federale   overheidsdiensten.   Zij   worden   daartoe gelijkgesteld met ambtenaren van klasse A3. Voor  de  zittingen  van  de  tuchtcommissies  hebben  zij  recht  op  een presentiegeld waarvan het bedrag per gepresteerde dag niet meer mag bedragen dan 200 euro. Werkzaamheden die per dag minder dan drie uur bestrijken, geven recht op de helft van bovenvermelde maximum- toelage. Op  deze  presentiegelden  en  toelagen  is  de  mobiliteitsregeling  voor de bezoldiging van het rijkspersoneel in actieve dienst van toepassing en wordt ze gekoppeld aan de spilindex 138,01. Alle  kosten  bedoeld  in  dit  artikel  en  alle  andere  kosten  van  elke tuchtcommissie   worden   gedragen   door   de   Nationale   Kamer   van gerechtsdeurwaarders.

BijlageGrootte
PDF icon 20151110_4de_oproep_bs_-_4ieme_appel_mb.pdf246.87 KB